Woudenberg boys

Woudenberg brothers

Ik heb weer een paar volle genietdagen achter de rug met mijn twee stoere kleinzoons van zeven en vier. Het was warm, dus we zijn veel buiten geweest, o.a. in het Julianapark in Utrecht. De jongens hadden niet zoveel trek in de speeltuin daar. Ik neem het ze niet kwalijk want het was er bloedje warm. Jammer genoeg is er geen zwembadje of iets dergelijks. Zou nog wel een idee zijn voor dit prachtige park. Er zijn een paar springfonteinen, maar je moet er aardig flink op stampen voor er water gaat spuiten. Niek en Kris zagen het niet zo zitten. Kris sprong drie keer achter elkaar heel hoog en kreeg aardig wat water aan het sproeien met dat stevige lijf van hem en viel vervolgens van het speeltuig. Niek is zo licht als een veertje dus hij moest zo hard springen dat het de moeite niet waard was.

speeltuin

We hebben zitten kijken naar een groepje kinderen van een NSO, met warme, paarse, polyester hesjes waarop de naam van het instituut stond. Saartje. Nou, zei Niek, met verachting in zijn stem, op zo’n opvang zou ik niet willen zitten, hoor. En veel zin om met ze te spelen hadden ze ook niet. Dus liepen we een rondje langs de dieren. Deze zaten achter gaas. Er lopen ook dieren rondjes langs de mensen in het park, kippen en hanen. Vooral voor de hanen moet je oppassen. Kris werd in zijn bil gepikt toen hij hem wilde wegjagen van ons eten.

Toen we alle dieren gezien hadden en we terug waren op onze plek, dreigde de verveling. Wat nu?   Als door een wonder, stond er opeens een ijscowagen in het park. Ik gaf Niek geld om ijsjes te kopen. De stemming schoot met een piek omhoog. Kris had opeens weer enorme energie en Niek zag de uitdaging zitten om zelf de bestelling te plaatsen.

Daar gingen ze samen. Ik wil een Skeleto, zei Niek. Ik ook, zei Kris, wat meestal zijn antwoord is op Niek’s plannen. In de verte zag ik Niek omhoog praten naar de meneer in het raampje van de wagen. De Man boog zich diep voorover, naar Niek, om te horen wat hij zei. Zou het lukken? Toch maar er even heen. Halverwege kom ik ze tegen, de mannetjes. Kris heeft een ijsje, maar huilt tranen met tuiten. Niek heeft zijn arm om hem heen. Wat is er aan de hand?
‘Ik wíl geen Cornetto’, roept Kris dramatisch door zijn tranen heen, ‘die lust ik niet!’
‘Ja’, zegt Niek, ‘die meneer begreep mij niet en toen gaf hij twee Cornetto’s.  Ik zei twee Skeleto’s, want ik wist niet meer precies hoe het heette. En nou wil Kris zijn ijsje niet’.

Oh, gelukkig, dit is op te lossen. Ik loop terug en bestel het ijsje dat Kris wilde, een Calypso cola. Helemaal gelukkig droogt hij zijn tranen. Calypso’s, Cornetto’s, ach ja waarom ook geen Skeleto’s?

Pannenkoeken eten met tante Sas

De volgende dag zijn we gaan zwemmen in het Henschotermeer. Een leuke plas in de buurt van Woudenberg, maar erg druk op een warme dag. ‘Wat gaan we doen, dan?’ vraagt Kris. Zwemmen natuurlijk. Oh..OK. Bandjes om en het water in. Een lauwwarme plas, maar Kris vind het steenkoud. ‘Ik hoef niet’, kondigt hij aan en loopt zo kordaat als hij kan in het water, naar de kant. Kris voegt meestal onmiddellijk de daad bij het woord.

Met veel moeite krijg ik hem het water weer in (ik laat mezelf nat maken met een waterflesje, een offer) en als hij eenmaal door is vindt hij het heerlijk. Als een hondje spartelt hij door de plas. Maar Niek heeft het al snel koud. We gaan er uit en liggen te bakken in de zon. Er is weinig ruimte om te spelen in de schaduw en in de zon is het te heet. ‘Ik wil naar huis’, zegt Kris,  ‘het is hier zo heet… En ik wil een ijsje’. Jammer genoeg voor hem heeft oma zich voorgenomen vandaag nog geen ijsjes te gaan kopen.

Tussen de dikke pannenkoek van de vorige avond en een hele snoepketting (met dank aan het pannenkoeken restaurant, kunnen ze niet een beker snoeptomaatjes meegeven of zo?) zit slechts een moeizaam ontbijt (‘dit is ander brood dan dat van mamma’).
‘Ik zie suiker uit je oren komen’, zeg ik. Kris vindt het niet grappig.

Ze hebben er geen van beiden meer zo’n zin in. Niek heeft een poos een Amerikaanse voetbal heen en weer gegooid met opa en is moe.

We leveren de jongens af bij hun mamma vanwege een afspraak bij de oogarts en rijden zelf linea recta naar Kijkduin, waar een andere dochter woont en springen de (koude!) zee in.

Kijkduin

Die zee…wat is dat toch een verrukkelijke plas.

pastinaak, spekjes en strand

We hebben eindelijk een groenteabonnement. Al heel lang van plan om het te nemen maar ’t kwam er maar niet van. Echtgenoot heeft de stap gezet:een formuliertje ingevuld in de reformwinkel in onze straat, that ’s all.

Een groenteabonnement, voor de niet-kenners, is een tas met een wekelijkse groentesurprise.  Voor een vast bedrag kun je iedere week een voorraadje biologische seizoensgroentes van eigen bodem ophalen in de reformwinkel. Heel leuk, want er zitten soms ook zg. ‘vergeten groentes’ bij.pastinaak

Deze week zaten er 4 witte wortels in die ik na enig speuren kon identificeren als ‘pastinaak’. Ziet eruit als een winterwortel, wit en van iets andere substantie. Gebakken of gewokt smaakt ie naar een mix tussen wortel, aardappel en appel. Heel mild en zacht van smaak. Heerlijk gebakken met een uitje, (knoflook)en wat kerrie. Volgens Wikipedia zat in de originele Leidse hutspot pastinaak (de aardappel was nog onderweg uit Zuid-Amerika!)

Zaterdagmiddag nog heerlijk op het strand geweest met o.a. kleinzoon Niek. Na een paar uurtjes strand met Niek komt het zand mijn en zijn oren uit. Ik ben de uitverkoren “bergenbouwer” , heuvels zand, waar Niek met groot plezier vervolgens bovenop springt of valt. Dat ritueel kunnen we uren lang herhalen. Tot hij besluit iets anders te doen: “Niek rennen”, en weg is tie, richting de zee. Net als ik denk dat hij plompverloren het water in rent keert hij zich om en komt even hard weer terug gerend: Help!! roepend, met z’n armpjes in de lucht, als een heuse acteur.

We hadden voor we richting strand gingen in een (nieuw)cafeetje in de Stevinstraat een tosti gegeten. Op de toonbank stond een grote glazen pot te schitteren, gevuld met spekjes. Hoe en wat we ook probeerden, Niek’s arm bleef 1 richting uitwijzen: spekjes. Ok, ik ben opgestaan en heb brutaal een spekje gepakt, waarom zou die pot er anders staan. Niek blij. En toen was het natuurlijk de bedoeling dat het klaar was. De andere spekjes waren voor andere kindertjes. Ja, knikt Niek gewillig. Nu waren de spekjes niet meer voor Niek. Nee, schudde Niek met z’n bolletje: niet voor Niek…ma’nnie, he? Maar z’n oogjes bleven maar staren en het handje ging steeds vaker toch weer wijzen. Nu was Niek nog herstellende van een flinke griep en z’n incasseringsvermogen zeer beperkt. Opeens keek ik naar een jongentje in opperste wanhoop. Mondje wijd open, dikke tranen die over z’n wagen rolden en z’n wereldje bestond nog maar uit 1 ding: SPEKJES!!

Volwassenen beraad. Nu wat? Mamma Jes stond kordaat op en vroeg de dame achter de pot of ze de pot des onheils uit het zicht wilde verwijderen, terwijl ik de net de dag daarvoor verzamelde beukennootjes en kastanjes uit m’n tas toverde. Even was er afleiding. En toen de oogjes zich weer vast wilden zuigen aan de verleidelijke glazen pot-met-inhoud was er slechts lucht. Pot weg. Spekjes weg. Langzaam droogden de tranen en na enige beukennoten trucjes mijnerzijds, brak de zon weer door bij Niek. Pfffff, close call!

Later thuis heb ik hem nog naar bed gebracht, liedjes gezongen (“mamma weg”), over z’n ruggetje gewreven tot twee vermoeide oogjes langzaam dichtvielen. Dagjes Scheveningen staan garant voor groot energieverbruik!

%d bloggers liken dit: