Toch nog de zee

CAM00954

CAM00956

Gisteren voor het eerst sinds lange maanden de zee weer geroken. Mijn ziel opende zich als de longen van iemand die onder water haar adem heeft moeten inhouden. De zoute geur van het water; het kraken van de schelpen langs de vloedlijn waar we liepen; dat voortdurende, zacht aanwezige geruis van het bewegende water. Als balsem op deze enigszins gepijnigde ziel na een lange ziekte- en herstelperiode.

Wanneer je daar loopt, diep ademhalend van genot, zou je bijna vergeten hoe woest en gevaarlijk de zee kan zijn. Orkaan Patricia was nog niet geland in Mexico toen we langs het Scheveningse strand liepen, maar ’s avonds wist ik weer waarom er in de Bijbel staat dat de zee er niet meer zijn zal op de nieuwe aarde, wanneer Jezus terugkomt (Openb.21:1). Voor mij als ‘zeemens’ altijd een lastige boodschap, maar ik denk dat het duidt op de verwoestende kracht van de golven, die een alles vernietigende tsunami kunnen vormen of boten op zee in grote moeite brengen. In vissersdorpen is men niet lyrisch over de oceaan, zoals ik. Als je geliefden verloren hebt op zee, verandert die in een vijand. Kijk de video maar om te zien hoe de zee kan huishouden bij een storm.

Daarvan was zaterdag geen sprake. Veel  mensen liepen aan het strand te genieten van het zachte herfstweer, de golfslag en de wind die je wangen dat rozige gevoel geven naderhand. Er waren nog enkele strandtenten open die het laatste restje omzet binnen probeerden te krijgen met open terrasjes.

Verder was het strand weer bijna in oorspronkelijke staat. Breed, groots en vol merkwaardige voorwerpen die waren aangespoeld. Verwijzingen naar lange, luie, zomerse stranddagen. Flessen, koelboxen, koelelementen en meer van dat soort rotzooi. Spijtig. Maar ach, het strand is geduldig en er is zoveel van, dat we er weinig last van hadden. Hoewel de vraag wel altijd door mijn hoofd blijft spelen wat mensen bezielt om, bij het naar huis gaan, doodleuk hun spullen in te pakken en de rotzooi op een hoopje achter te laten…Hoe krijg je dat voor elkaar?

Maar goed. Het weer was lekker, de zee rook zalig en ik liet mijn stemming niet bederven.

CAM00957

Vakantie-ervaringen met ons nageslacht – 3

‘Oma, ik wil bij jou logeren’, kleinzoon Noah’s (3) vaste verzoek. Als pappa en mamma zich opmaken om naar huis te gaan smeekt Noah, met een van verlangen en verdriet uitgestoken onderlip: ik wil bij jou blijven! Alsof hij in geen jaren meer terug zal komen. We beloven dan ook regelmatig dat hij een ‘ander keertje’ mag komen logeren. Noah is niet met een kluitje in het riet te sturen want hij wil dan wel graag weten wanneer.

Zo was het dan vorige week logeertijd. Uit de verte kwam hij aanhollen: ‘Ik kom bij jou logeren!’ Nog een kop koffie voor pappa en dan vertrekt die, enthousiast uitgezwaaid door Noah.

‘Zullen we even naar de speeltuin, oma?’ Ook Noah houdt van samen spelen, net als neef Kris (6). Maar ook met Noah vertrekken we richting het strand in de veronderstelling dat je een kind geen groter plezier kunt doen dan het strand. Van mamma hebben we een hele tas met strandspullen. Zelfs een reddingsvest. Noah wil dat graag aan in de auto. We kunnen hem gelukkig overtuigen dat dat echt te warm is nu.

We arriveren in Scheveningen, waar we naar het Zwarte pad wilden gaan, maar helaas om 10.15 was het daar al vol. Tegenvaller, want nu moeten we even opsplitsen…en het Zwarte Pad is te ver lopen voor een drie-jarige. We spreken af voor het Carlton. Echtgenoot gaat parkeren in de garage, ik neem Noah mee en een deel van de spullen. Het is heet. Noah is gelukkig zijn reddingsvest vergeten. Maar hij wil wel zijn duikerspak aan. Een donkerblauw zwemtopje. Met zwembroek in dezelfde tinten. Noah is namelijk altijd iets of iemand. Als hij ziet dat we vlakbij de reddingsbrigade zitten is hij helemaal gelukkig. ‘Het reddingsteam, oma! Zullen we daar straks even kijken?’ Noah houdt van kijkjes nemen, maar wel onder veilige begeleiding van een volwassene. Hij was er niet bij toen neef Niek bij de EHBO geholpen werd en in het gebouw van de reddingsbrigade naar binnen moest. Jammer. Hij zou ervan genoten hebben! Het laatste reddingsberoep dat hij heeft aangenomen is dat van de dierenambulance. Bij ieder beroep heeft hij ook een hoofddeksel, waardoor hij onmiddellijk in zijn rol zit.

Terug naar het Carlton Scheveningen. Als echtgenoot arriveert vinden we een plek om ons te installeren en spoeden we ons zo snel mogelijk naar de waterkant. Spelen in de golven, of pootjebaden. Maar als we bij de waterkant arriveren slaat Noah linksaf. ‘Zullen we een eindje die kant oplopen, oma?’ En hij dribbelt nogal snel die kant uit. Rennend om hem in te halen roep ik: ‘Noah, we gaan het water in! Kom lekker samen in het water spelen!’

Noah laat zich met moeite overhalen. Ongeveer 30 cm van het water vandaan blijft hij stokstijf staan en kijkt verschrikt naar zijn voetjes die, weliswaar in speciale waterschoentjes gehuld, nat worden en waaronder het zand door de stroming wegspoelt. Oma kan nog zo enthousiast zijn over de zee, Noah heeft ernstige bedenkingen tegen al dit onvoorspelbare gedoe. Het water is eng want er zitten vast haaien in (dat krijg je met al die tekenfilms en animaties van dieren), het water is koud en bovenal het water is NAT. En nat in gezicht of haar is een kwelling, dus hoezo lekker spelen in het water? In de golven al helemaal niet!

Letterlijk en figuurlijk duurt het een lange tijd voordat Noah dóór is. En echt dóór raakt hij nooit. Maar uiteindelijk spoelen de golven over zijn knieën en durft hij opa en oma nat te spetteren waarbij hij zelf ook af en toe natter wordt dan in de bedoeling lag. Gelukkig, want het is één van de warmste dagen en omdat hij ook nog zijn ‘duikerpak’ aan wil hebben, zweet hij wat af.

We gaan niet te laat terug. Alles weer meegesleept. Het blijft een onderneming, dat strand. Maar er gaat niets boven die verrukkelijke zee. Hopelijk gaat Noah het met me eens zijn later!

Noah geeft nauwkeurig de plantjes water
Noah geeft nauwkeurig de plantjes water

De volgende dag doen we een speeltuintocht. Noah kent de weg en brengt me bij de verschillende speeltuintjes in de buurt. We spelen politiebureau waarbij ik aangifte doe van diefstal en Noah nep opschrijft hoe mijn fiets eruit ziet. Dan springt hij in zijn nep politie-auto en vangt de nep-dief en stopt hem in een nep-gevangenis en mijn nep-fiets is gevonden. Als opa zich bij ons voegt herhalen we het spel maar nu is de portefeuille gestolen. Noah geniet. Zijn fantasie is vermakelijk. Het is echt, maar ook echt nep. Zoals hijzelf eigenwijs zegt. Babies in zijn buik, zusjes, dieven, tijgers, huizen in brand..alles nep.

Later speelt hij heel zoet met water in de badkamer. Geen golven, geen wegzuigend zand, maar een beheerste omgeving. Een wasbak met water en een stop erin. In het water drijven de reddingsboot en de politieboot. Redden uit het water is wat Noah wil.

Gered wórden uit het water is nog een brug te ver!

Dagboek van een verhuizing – inmiddels al 2012

Ik moet het maar gewoon toegeven. Mijn ziel is nog steeds niet helemaal geland in het IJsselsteinse waar ik nu anderhalf jaar geleden naar toe verhuisde vanuit Scheveningen.

Nee, ik klaag niet, ik ben blij, blij, blij met huis en uitzicht. Echt. Maar toen ik door de Stevinstraat reed vorige week, na een dagje strand en ‘mijn’ huis zag met ‘mijn’ rozegroen pronkende salixboompje in de voortuin en het gevoel kreeg dat er vreemde fietsen voor ‘mijn’ huis stonden, kreeg ik het echt even te kwaad. Wat is dat raar, zeg.

Dobberend op de golven aan het Scheveningse strand hoorde ik de meeuwen krijsen en herinnerde me hoe ik een bloedhekel aan die beesten had gekregen omdat ze me altijd ’s ochtends vroeg wakker maakten. Nu klonk het weer als muziek in de oren.

Scheveningen blijft Scheveningen. Prachtig, foeilelijk, steenrijk, verloederd, verstild en overvol, eindeloze ruim met de voortdurende aanwezigheid van de oceaan en volgebouwd met zestiger jaren monstrueuze gebouwen. Het hoort allemaal bij elkaar.

Ik heb mijn hart verpand aan Scheveningen. Het is niet anders.

Scheveningen, wat ben je toch mooi

Belgisch Park, begin 20e eeuw

(schilderij van Andreas Carl Sommer)

In deze Indian Summer lopen we regelmatig intens te genieten van de buurt waarin we wonen. Misschien wel onder invloed van de gedachte dat we hier de langste tijd gehad hebben, althans wat dit plekje in Scheveningen betreft. Ons huis staat in een wijk van Scheveningen die Belgisch Park heet. Een prachtige 19e eeuwse wijk met villa’s en herenhuizen in Jugendstil stijl. Gebouwd door rijken en oud-Indiegangers, bestuurders en regenten. Die kwamen hier genieten van de gezonde zeelucht. Kolossale villa’s omgeven door weidse tuinen. De Stevinstraat loopt dwars door deze wijk, maar wordt gaandeweg, richting oud-Scheveningen, dus weg van Scheveningen Bad, eenvoudiger. Ons huis staat in een rijtje van zg. kapiteins woningen.
Groot, maar niet zo overdadig met details versierd als de woningen even verderop aan de andere kant van de Nieuwe Parklaan.

Oorspronkelijk had ik in deze post mooie foto’s staan van de wijk. Bij de verhuizing van mijn blog naar WordPress zijn die helaas niet meegekomen. Ik verwijs daarom naar de volgende sites, met prachtige foto’s van deze wijk:

Een geweldig informatieve en mooie site van Chris Schram over alles in Den Haag, ook het Belgisch Park.

Een andere site is Scheveningen 1813-2013, met een schat aan informatie, erg leuk bijvoorbeeld is dat alle kunst geïnspireerd door Scheveningen door de eeuwen heen,er te vinden is.

pastinaak, spekjes en strand

We hebben eindelijk een groenteabonnement. Al heel lang van plan om het te nemen maar ’t kwam er maar niet van. Echtgenoot heeft de stap gezet:een formuliertje ingevuld in de reformwinkel in onze straat, that ’s all.

Een groenteabonnement, voor de niet-kenners, is een tas met een wekelijkse groentesurprise.  Voor een vast bedrag kun je iedere week een voorraadje biologische seizoensgroentes van eigen bodem ophalen in de reformwinkel. Heel leuk, want er zitten soms ook zg. ‘vergeten groentes’ bij.pastinaak

Deze week zaten er 4 witte wortels in die ik na enig speuren kon identificeren als ‘pastinaak’. Ziet eruit als een winterwortel, wit en van iets andere substantie. Gebakken of gewokt smaakt ie naar een mix tussen wortel, aardappel en appel. Heel mild en zacht van smaak. Heerlijk gebakken met een uitje, (knoflook)en wat kerrie. Volgens Wikipedia zat in de originele Leidse hutspot pastinaak (de aardappel was nog onderweg uit Zuid-Amerika!)

Zaterdagmiddag nog heerlijk op het strand geweest met o.a. kleinzoon Niek. Na een paar uurtjes strand met Niek komt het zand mijn en zijn oren uit. Ik ben de uitverkoren “bergenbouwer” , heuvels zand, waar Niek met groot plezier vervolgens bovenop springt of valt. Dat ritueel kunnen we uren lang herhalen. Tot hij besluit iets anders te doen: “Niek rennen”, en weg is tie, richting de zee. Net als ik denk dat hij plompverloren het water in rent keert hij zich om en komt even hard weer terug gerend: Help!! roepend, met z’n armpjes in de lucht, als een heuse acteur.

We hadden voor we richting strand gingen in een (nieuw)cafeetje in de Stevinstraat een tosti gegeten. Op de toonbank stond een grote glazen pot te schitteren, gevuld met spekjes. Hoe en wat we ook probeerden, Niek’s arm bleef 1 richting uitwijzen: spekjes. Ok, ik ben opgestaan en heb brutaal een spekje gepakt, waarom zou die pot er anders staan. Niek blij. En toen was het natuurlijk de bedoeling dat het klaar was. De andere spekjes waren voor andere kindertjes. Ja, knikt Niek gewillig. Nu waren de spekjes niet meer voor Niek. Nee, schudde Niek met z’n bolletje: niet voor Niek…ma’nnie, he? Maar z’n oogjes bleven maar staren en het handje ging steeds vaker toch weer wijzen. Nu was Niek nog herstellende van een flinke griep en z’n incasseringsvermogen zeer beperkt. Opeens keek ik naar een jongentje in opperste wanhoop. Mondje wijd open, dikke tranen die over z’n wagen rolden en z’n wereldje bestond nog maar uit 1 ding: SPEKJES!!

Volwassenen beraad. Nu wat? Mamma Jes stond kordaat op en vroeg de dame achter de pot of ze de pot des onheils uit het zicht wilde verwijderen, terwijl ik de net de dag daarvoor verzamelde beukennootjes en kastanjes uit m’n tas toverde. Even was er afleiding. En toen de oogjes zich weer vast wilden zuigen aan de verleidelijke glazen pot-met-inhoud was er slechts lucht. Pot weg. Spekjes weg. Langzaam droogden de tranen en na enige beukennoten trucjes mijnerzijds, brak de zon weer door bij Niek. Pfffff, close call!

Later thuis heb ik hem nog naar bed gebracht, liedjes gezongen (“mamma weg”), over z’n ruggetje gewreven tot twee vermoeide oogjes langzaam dichtvielen. Dagjes Scheveningen staan garant voor groot energieverbruik!

mijmeringen

Als je niet veel kunt lopen is het leven toch aanmerkelijk anders. Ik wilde eerst saai schrijven, maar dat is niet helemaal waar. Ik beleef genoeg, maar het is meer in de sfeer van wat me overkomt, dan waar ik voor kies.

Vandaag (strakblauwe lucht, zacht briesje, 25 graden) zou ik natuurlijk gekozen hebben voor de zee ! Ik woon 5 minuten van het strand vandaan, wat in de zomer vooral ’s ochtends vroeg altijd goed te merken is. Het kabaal dat de zeemeeuwen dan maken is onbeschrijfelijk! Hier in Scheveningen hebben we nauwelijks last van toeristen, want onze straat is peperduur om te parkeren.
Zoiets zouden ze voor meeuwen ook moeten invoeren…

Ik dwaal af. Niet naar het strand dus met m’n voet in dik verband (zie ‘hamer en beitel’ voor de oorzaak). Andere bezigheden dus gezocht binnenshuis. Bloggen. Surfen (interessant, over verpleeghuizen, inmiddels m’n hobby), lezen. Maar ik merk dat, nu ik tijd en excuus heb om te lezen, ik er toch de rust niet voor kan vinden. Ligt misschien ook aan m’n boek, The Coup, van John Updike over een Afrikaanse dictator…..Spreekt me net niet genoeg aan om er in weg te zinken…

Gisteren heb ik een paar uur gewerkt. Voor het eerst sinds 10 dagen. Juist tijdens mijn afwezigheid speelden er allerlei spannende politieke ontwikkelingen. Toen ik met ziekteverlof ging werkte ik voor 1 raadslid, nu ik terug ben voor 2! (Misschien nog wat langer wegblijven…) Evert de Niet, raadslid voor een lokale Scheveningse partij heeft gebroken met die partij en zich bij de ChristenUnie gevoegd. Hij neemt z’n zetel mee, dus nu hebben we plotseling een dubbele vertegenwoordiging in de raad, 1 SGPer en Evert CU. Helaas is het niet zonder verwijten over en weer (tussen ex-fractiegenoten en Evert) gegaan. Jammer.

Ik denk dat (lokale) belangenpartijen altijd zeer risicovol zijn wat betreft potentiële conflicten. Men gaat voor 1 belang en komt van totaal verschillende achtergronden, ook principieel. In een gemeenteraad of parlement gaat het vervolgens niet alleen over Scheveningen of ouderen of weet ik wat. Integendeel. Evert heeft een duidelijke christelijke overtuiging en werd geconfronteerd met standpunten over bijv. softdrugs, 24-uurs economie enzovoort, waar hij niet achter wilde staan.

Zeer benieuwd of hij z’n Scheveningse achterban mee krijgt bij de verkiezingen volgend jaar. Evert staat als nr. 3 op de lijst. Hetty Voogel op de 2e, verkiesbare plaats, een unicum in de samenwerking met de SGP, die tot nog toe geen vrouw op die plaats wilde. Men accepteert het nu en zal zelfs de samenwerking niet opzeggen als Hetty verkozen wordt! Een unicum tot dusver in Nederland.

 

%d bloggers liken dit: