Gender in India

Nee, geen opiniestuk over gevoelige onderwerpen. Maar observaties over onverwachte cultuurverschillen. Op de campus waar wij wonen is de Indiase opvatting over hoe jongens en meisjes met elkaar om horen te gaan heel zichtbaar. Er is geen strikte scheiding maar je zult niet gauw een stelletje zien lopen. Tenzij het een echtpaar is. Die zijn hier ook, samen studerend. Maar de meeste studenten zijn single en houden zich alleen op met hetzelfde geslacht. Tijdens de ochtend thee-pauze staan de groepen gescheiden, in de kerk zit men ook apart. Niet heel strikt, er staat geen politieagent, maar toch.

Antieke poppen uit India op Marktplaats

Vooral op de campus valt het op dat jongens en meisjes ook niet echt met elkaar praten. Laat staan hand in hand lopen als een verliefd stel. Niet in het openbaar tenminste. Er bestaat een afkorting NPDA, No Public Display of Affection, geen aanrakingen in het openbaar, als een soort waarschuwing voor kleffe westerlingen. Dat doet me terugdenken aan Korea, waar we in de jaren tachtig woonden. Mannen kwamen dan terug van jaren studie in het buitenland en de enige uiting van blijdschap en affectie voor hun vrouw was dan een hoofknikje en een buiging. Geen kus, geen knuffels! Zo ook hier. Het is een Aziatische benadering van de uiting van liefde tussen mensen en in het bijzonder die tussen man en vrouw. Voor mijn gevoel wat afstandelijk, maar wie ben ik…

Hoe verrassend is het dan als je naar een toilet zoekt in een cafeetje er maar een blijkt te zijn. M/V. Waarschijnlijk vanwege gebrek aan ruimte of geld en niet als gevolg van moderne opvattingen van emancipatie. Maar dat valt wel op. Zo’n afstand, maar wel samen op een WC bril? En sorry, maar gedeelde toiletten zijn in mijn ervaring altijd vies! Ik treed niet in details.

Nog vreemder is het wanneer je kleding wil kopen er allemaal mannen achter je aan lopen. Drie in mijn geval. En dan gaan ze ook nog bij de kleedkamer op je staan wachten! Ga weg! Ik hou helemaal niet van gevolgd worden in een winkel, laat staan door mannen! Blijkbaar gebeurt het zelfs in winkels waar damesondergoed verkocht wordt… Dan breekt toch mijn klomp.

De meest vervreemdende ervaring die ik had was bij de pedicure. Als verjaardagsgeschenk bood ik dochter (die hier ook is) een mani(cure)-pedi (cure) aan. Het was een leuke salon, best chique voor Dehra Dun begrippen. Ik begon met de voeten. Niet de dames die overal stonden kwamen me helpen, maar een oudere man. Prima, zeker de gewoonte hier. Toch was ik enigszins verbaasd (in de Indiase context) toen ik niet alleen mijn sokken uit moest doen maar ook mijn broek tot ongeveer mijn dijen werd opgestroopt en ik werd gewassen, geschrobd en gemasseerd. Zeer kundig. Het is even wennen. Verder prima. Maar toen hij ook mijn nagels wilde lakken dacht ik toch van, laat maar.

Heftige scrub!

De prijs voor deze uitgebreide behandeling van tenminste een half uur tot drie kwartier was omgerekend 5,50 euro. Absolute aanrader om een keer te doen als je in India bent!

Niet miepen, toch?

Het is hier binnen zo verrekte koud. Ik eindigde mijn vorige blog heel dapper maar wennen is best een proces, zal ik maar zeggen. Het gaat gepaard met klagen, aanvallen van ‘dit is toch niet normaal’ en wilde ideeën om via Amazon een grote kachel te bestellen. Maar ja. Dat is dus het proces wat aanpassen heet.

Een voorbeeld. We gaan naar een bijeenkomst en ik denk, dat is binnen, dus ik hoef geen jas mee; buiten is het lekker, dus ik loop er zo heen.
Als we binnen komen zit voorin een man, onherkenbaar vanwege een dikke muts en een sjaal om zijn gezicht. Het enige wat ik zie is een neus en twee ogen. Verder een dikke winterjas. Hij blijkt de spreker. Om mij heen, voor en naast mij, alleen maar dik ingepakte mensen. Wij bibberen ons door de bijeenkomst heen. Buiten wordt de thee geserveerd, in de zon. Wat een verademing, na de ijzige koude van het gebouw.
Eerste les: Binnen dik aankleden, maar wel zo dat je buiten in de zon weer lagen uit kunt trekken.

Nog een voorbeeld. De geur van mottenballen. Niet lekker (eufemisme), vonden we alle drie dus haalden we alle balletjes weg die in ieder gootsteengaatje, afvoerputje en andere openingen liggen. Tot ik wakker word op een nacht en denk, wat ruik ik toch voor vieze rioollucht? Ja dus. Die balletjes lagen er niet voor de lol. Nu verkiezen we de chemische lucht van mottenballen boven de natuurlijke geur van het riool.
Tweede les: Er is een reden voor alles, ook als het vreemd overkomt.

We relativeren hier alles maar met dit lied van Brigitte Kaandorp over haar ‘moeilijke leven’. https://youtu.be/JLNvBvJ-F00

Buiten is het hier fantastisch. Het weer is iedere dag zonnig en de temperatuur nog aangenaam. Ons appartement is gebouwd op een afgesloten terrein en is als een oase in de drukke stad. Met onze dochter als gids zijn we er al veel op uit geweest. Ze woont hier (op een andere plek, in Oud Rajpur, een dorpje vlakbij Dehradun) sinds 3 maanden en heeft behoorlijk haar weg leren vinden. Weet bijvoorbeeld wat de normale prijs is voor alledaagse producten als fruit en zo. En dat helpt want met onze westerse hoofden zijn we al gauw slachtoffer van woekerprijzen. Hoewel je de neiging hebt dat gewoon te betalen, omdat het nog steeds, omgerekend in euro’s, niets lijkt te kosten. Maar dat wordt toch afgeraden.

Zo waren we op de bazaar, de intens drukke dagelijkse markt, zoals je die overal in Azië ziet. Ik waande me weer in Korea, waar ik in de jaren tachtig woonde. Toen was het vooral druk door mensen. Maar hier zijn het de motoren en scooters die je werkelijk van de sokken rijden. Een lange smalle doorgang waar honderden vehikels links en rechts je voorbij razen. Dat bederft de pret enigszins want ik ben gek op al die aparte winkeltjes met producten waarvan ik geen idee heb waar men ze voor gebruikt.

Daarna, voor wat noodzakelijke ‘westerse’ inkopen naar een overdekt winkelcentrum. Het contrast is groot, zoals verwacht en toch altijd schokkend. Vooral omdat daar en niet bij de bazaar, de bedelaars zich verzamelen. Vrouwen met hun vervuilde kleintjes, oude dametjes en jonge jongens. We hadden ons voorgenomen eten te geven, liever dan geld. Toen we de vrouwen met hun kleintjes wat gaven kwamen er in een mum van tijd van overal vrouwen met kinderen op ons af. Wat te doen? Ook de Indiase vrienden hebben er geen antwoord op. De een geeft soms, de ander altijd. De een alleen aan vrouwen met kinderen, de ander alleen aan bejaarden. We zullen onze eigen weg moeten vinden.

%d bloggers liken dit: