Categorie archief: Reisjes

Korte trips in de omgeving

Ootmarsum

Gisteren het Openluchtmuseum in Ootmarsum bezocht. Ik was onder de indruk van de geheel eigen cultuur en geschiedenis van dit deel van ons landje! En voelde me een heuse Randstedeling. Wat weet ik eigenlijk weinig van de provincies die meer oostelijk/noordelijk liggen. En wat een mooie architectuur! En wat zijn er veel tradities behouden gebleven. Zelfs de streektaal is er een die eeuwen terug gaat en verwantschap heeft met talen tot aan Polen toe!

Even wat plaatjes.

 

SAM_2335

Openluchtmuseum Ootmarsum

Oorspronkelijk bezweringstekens, nu met christelijke symboliek

 

Twenstse klederdracht

Bruiloftskleding!

 

Advertenties

Waarheen leidt de weg…?

Dit staat me nog het meeste bij van de korte vakantie in Kassel: Twee kaartlezers en twee volgers. De kaartlezers die het 99% van de tijd niet eens waren en discussies voerden over of we nu wel of niet rechtdoor, linksaf of terug moesten. Geduldig wachten was het devies van de volgers. Of af en toe een duit in de zak doen die nauwelijks of niet werd waargenomen door de kaartlezers. Ach, laat ook maar….dachten dan de volgers en staken hun vinger de lucht in, dáár ligt de ware Weg.

Kaartlezen is niet ‘mijn ding’. Ik heb totaal geen gevoel voor ruimte en richting. Ik moet nog steeds via een ezelsbruggetje bedenken waar ook alweer de zon opgaat (kerstliedje: nu daagt het in het Oosten – oh ja, de zon komt op in het oosten). Na een keer rechts en links heb ik geen idee meer van richting of plaats. Ik werk niet met kaarten maar met visuele kenmerken. De AH op de hoek, de gele tegel links, de benzinepomp rechts, langs dat huis met al die bloemen in de tuin….

Mijn Roemeense student (Nederlands) zei eens zeer verward te zijn door de aanwijzingen ‘voorbij dat en dat punt’. Vóór is toch ergens voor. En bij is soort van dichtbij. Maar het betekent erná. Ik begreep hem precies. Als ik luister naar de gesprekken van de kaartlezers denk ik ook, hoe komen jullie aan al die voors en na’s? Ik voel me net zo gedesoriënteerd als Iosif. Ik liep hier rustig in een straatje en nu beginnen jullie over zuid en noord en weet ik wat voor richtingen. Laten we gewoon wat dwalen. Dat geeft zoveel rust.

Een paar dagen bij de buren – Documenta14, Kassel

 Kassel

Naast grootmoederlijke bezigheden ben ik ook vier dagen op reis geweest met echtgenoot en vrienden. Kassel was ons reisdoel. We huurden een appartement  in een plaatsje met de ietwat onsympathieke naam Helsa-(Wickeroden), wat in de buurt lag.

pension helsa

op de bovenste verdieping lag ons ruime appartement

In Kassel vindt iedere vijf jaar Documenta plaats een cultureel festival met moderne, avant-garde kunstuitingen. Dit was nummer 14. Ik had er eerlijk gezegd nog nooit van gehoord, maar men vergelijkt het wel met de Biënnale in Venetië.

Vrienden nodigden ons uit om een keer mee te gaan.  Het leek een leuke gelegenheid ons een paar dagen in Duitse sferen in kunst onder te dompelen.  Wat die kunst ook zou zijn. Maandag vertrokken we via Bad Arolsen naar Helsa . In Bad Arolsen maakten we een stop om het paleis te zien waar koningin Emma opgroeide.

Badarolsen1

Parthenon der verboden boeken

Dinsdagochtend vertrekken we na een heerlijk ontbijt met verse bolletjes en zuurdesembrood naar Kassel. Het eerste wat we zien als we de Friedrichsplatz oplopen is een enorm tempelachtig gevaarte, opgebouwd uit steigerpilaren die (naar we later lezen) het Parthenon moet voorstellen. Wat direct opvalt zijn de boeken die op de 20/25  meter hoge pijlers zijn geplakt achter doorzichtig plastic. Sommige titels herken ik. Vele malen Anne Frank. Kafka, Harry Pottter, zelfs de bijbel zie ik hier en daar.

Het is een werk/idee van kunstenares Martha Minujin (eerder uitgevoerd in Argentinië in 1983). Ze heeft boeken verzameld en gekregen van beurzen, burgers en uitgeverijen die ooit in het verleden of in het heden op een verboden-boekenlijst staan. Navrant: Het Parthenon staat op de plek waar in de jaren dertig een boekverbranding plaatsvond van titels die bij de Nazi’s niet door de beugel konden. Het Parthenon staat natuurlijk ook voor het ideaal van democratie.  Men kan nog steeds boeken doneren. In totaal zijn 100.000 titels nodig! Er zijn nog vele lege plekken! Meer info hier te lezen (Duits).

parthenonkassel  MinkeKimKassel2017

Bintu Were, een opera

Iets anders wat grote indruk op me maakte was de verfilming van de Afrikaanse opera Bintu Were. Het verhaal schetst een dorp in Mali, vrouwen en mannen in authentieke kleding. Fier, zelfbewust, sterk. Maar de zangeres schreeuwt het uit dat ze verkracht is en zwanger gemaakt door iemand van de mannen en dat haar situatie uitzichtloos is. Het is niet wat het lijkt. Ook in dit dorp van fiere krijgers en trotse vrouwen heeft de corruptie toegeslagen. Ze zingt haar ziel uit haar lijf. Er is hier geen toekomst meer, iedereen wil weg.

In de volgende scene komt de smokkelaar op het podium die gouden bergen belooft in Europa. Hij zal ze brengen, maar eerst moeten ze hun laatste cent afstaan. Binou protesteert hevig. Ook het plan om elke willekeurige man aan te wijzen als de vader van haar kind om zo meer kans op een verblijfsvergunning te hebben, stuit haar tegen de borst. Al haar reisgenoten zijn inmiddels omgekleed in westerse kleding. Regenjassen, rokken, t-shirts. Het ontneemt hen een stuk waardigheid. Bintu, inmiddels bevallen, besluit ten einde raad haar kind overboord van het schip te gooien. Er is immers geen toekomst voor het kind. Maar iemand vangt de baby op. In de film zie je dan een reddingsschip dat op zee een nog drijvende baby in een reddingsvest vindt. Aangrijpend beeld.

De verweving van de (verfilmde) opera met echte opnames van vreselijke gebeurtenissen rondom bootvluchtelingen, maken de documentaire zeer de moeite waard en aangrijpend. Er wordt ook door verschillende experts commentaar geleverd. Over de verrijking van culturen in het verleden als gevolg van migratie. Over de onvermijdelijkheid van migratie van arme delen in wereld naar economisch welvarender gebieden. Een verschijnsel immers van alle eeuwen? Kortom een tot nadenken stemmende film. Leuk detail: het project kwam tot stand dankzij sponsoring van het Prins Clausfonds. De opera was een droom van prins Claus zelf.

Vluchtelingen cq migratie

Op verschillende manieren kwam dat thema terug. Ook de oorzaak voor het vluchten, behalve economische toch vaak ook politieke redenen. Onderdrukking, geweld en vervolging.

Interrogation

Reizigers zonder identiteit. Waarheen? Hoelang?

Een golf. Close-up ontwaar je mensen en momsters.

De creativiteit van de kunstenaars om steeds maar weer op geheel eigen wijze een thema te gebruiken en zichtbaar te maken vind ik heel inspirerend. Alle methodes en technieken zijn daarvoor gebruikt. Textiel, verf, beeldhouwen, houtbewerking, installaties met bestaande objecten gebruikt in een andere setting, en ga zo maar door. Het is andere kunst dan de meer toegankelijke die ik meestal zie. Maar juist daardoor verfrissend. Ik vond de visie van veel kunstenaars soms wat naïef. Onderdrukking, vervolging enz. is natuurlijk een gevolg van je  maatschappijvisie. Maar de oorzaak van het probleem wordt nog te vaak gezocht in de richting van economie en klasseverhoudingen. Als dat maar beter wordt dan zijn de moeites en de armoede en de onderdrukking de wereld uit. Volgens mij zit het kwaad dieper dan dat. En is er ten diepste meer nodig dan economische of maatschappelijke verbeteringen, (hoewel ook díe nodig zijn!). We hebben redding van buitenaf nodig. En een verandering van hart. De begeerte naar geld is de wortel van alle kwaad, zegt de apostel Paulus. En wie verlost ons van die verslaving? Die drang om ondanks alles, zelfs ten koste van anderen, onszelf te verrijken. Wie verlost ons van dat waanidee dat we vanwege de kleur van onze huid of onze religie, of onze politieke overtuigingen beter zijn dan anderen? Ik ben daar net zo schuldig aan als ieder ander. En dat irriteert een beetje in de kunst van Documenta14. Ook als communist, anarchist, socialist, ga ik de wereld niet beter maken. Het verleden is er getuige van.

Inpaklint op rol

En dan is er ook nog de kunst van het soort zoals op deze foto. Afgezaagd en nietszeggends…

NRC was niet onder de indruk van de kwaliteit van de kunst en vond dat het maatschappijkritische teveel de boventoon voerde. Uit de recensie blijkt wel dat ik vooral veel NIET gezien heb. Voor de geïnteresseerden hier de link

Documenta14 duurt de hele zomer. Wie weet rijden we nog eens op en neer…

Lowell, waar meisjes voor het eerst een salaris kregen

Mensen die mijn blog volgen hebben misschien de indruk inmiddels dat ik niet anders dan wanhopig op pillenjacht ( lees erover hier en hier) ben geweest sinds vorige week…Ik was wel op jacht, maar niet wanhopig en intussen deden we gelukkig ook andere dingen. Ik noem er een paar.

Lowell

Woensdag 25 januari waren we in Lowell. Ik heb er ooit over gelezen of een documentaire gezien, maar al heel lang wilde ik er heen. In Lowell stonden de eerste textielfabrieken van Amerika. De eerste werknemers waren veelal Yankee meisjes (blanke meisjes met Engelse roots) die van een boerderij kwamen en ‘meer’ wilden dan dat zware leven en onbetaald koeien melken voor pa en ma. We hebben het over de eerste helft van de 19e eeuw en de eerste industriestad in Amerika. Lowell ligt ongeveer een uur rijden ten noorden van Boston. Het was een mooie zonnige dag, een prachtige blauwe lucht met schapenwolken en aangekomen in Lowell bleek daar nog een berg sneeuw te liggen. In Boston had het dagen geregend, maar in Lowell, net wat noordelijker, lag sneeuw.

De weverij die is ingericht als museum

De weverij die is ingericht als museum

In het bezoekerscentrum van het National Historic Park keken we naar een film over de geschiedenis. Verder liepen we een route met historische gebouwen en plekken in het stadje. De meeste bakstenen fabrieken met de kenmerkende hoge schoorsteenpijpen zijn bewaard gebleven. Sommigen zijn gerestaureerd tot museum en anderen zijn tot appartementen omgebouwd. Het geeft het stadje een bijzondere sfeer. Over het algemeen zie je in de VS niet veel huizen of gebouwen van baksteen. Veel is van hout of inmiddels kunststof.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

De meisjes van het platteland werkten aan de weefgetouwen die aangedreven werden door waterkracht opgewekt door een natuurlijk verval van 10 meter in de rivier de Merrimack, de Pawtucket waterval.

We bezochten een van de weverijen, geconserveerd in oorspronkelijke staat. Het enorme lawaai van de weefgetouwen, de luchtvochtigheid van 80%, de hoge temperatuur, het was een ware sweatshop.  Al de verschillende soorten stoffen zijn te zien en te voelen. Van vrij grof geweven kaasdoek of neteldoek (muslin) tot het mooie zacht glanzende chintz. In alle kleuren en dessins. 2017-New-Design-Top-quality-Wholesale-Cute.jpg (800×589)Het museum toont kamers en gebruiksvoorwerpen uit de 19e eeuw, hoe de meisjes leefden in de slaapzalen en hoe hun leven geregeld werd voor hen. Ter geruststelling van de ouders. Slapen in slaapzalen, zondags naar de kerk. Na verloop van tijd kwamen steeds meer immigranten die de plek innamen van de meisjes. Grappig is dat de meisjes trots waren op hun werk en er plezier in hadden,

Weefgetouwen in een ruimte met enorm lawaai

Weefgetouwen in een ruimte met enorm lawaai

 

Close up weefgetouw

Close up weefgetouw

 

Garen

Garen

 

Bobbins

Bobbins

terwijl wij ernaar kijken met een gevoel van ‘wat een vreselijke werksituatie!’ Misschien was het vergeleken met het werk op een boerderij in die tijd wel veel beter? In ieder geval werden ze ervoor betaald!

Later werden de machines efficiënter en kwamen er ‘goedkopere’ immigranten (natuurlijk) uit Europa en Franstalig Canada waaronder de ouders van Jack Kerouac. Hij was auteur en is in Lowell geboren en getogen. Ik lees nu zijn eerste roman, The Town and the City, onder andere over het Lowell van toen.

Een volgende (foto)blog over o.a. de Women’s March en schoonzus Yani. En over ons bezoek aan New York. We zagen er bijvoorbeeld het monument op Ground Zero. Zeer indrukwekkend.

 

 

De zee en Zeeland

Ik was van de week in Kamperland. We reden langs plaatsjes als Kloetinge, Wissenkerke en zagen  oude kerken en een prachtig haventje in Goes. We aten een hapje in het Oude Postkantoor op de Grote Markt. Snuffelden wat bij een Terre des Hommes tweedehandswinkel. Ik kocht ik twee vintage broches bij een antiekzaakje voor E2,- en we liepen langs een onafzienbaar leeg en stil strand bij Breezand. Zeeland op en top. Dit watermens kwam getroost weer thuis. De luchten boven de zee, de geur, de stilte, de geluiden van de meeuwen die de stilte benadrukken, maar minder drukkend maken. De schittering van het zonlicht op de vlakke zee, het knisperend gevoel van zand onder mijn voeten. Het drellerige kwalletje, zelfs de half onder het zand verstopte plastic doppen en zooi….dit is het Strand, dit is de Zee. Dit was Zeeland.

strand bij Breezand

Strand bij Breezand

 

Schoonhoven, Sinterklaas en Schiedam

En toen liep ik opeens in mijn geboortestad, Schiedam. Op een uiterst miezerige, grijze, kille vrijdag.  Ik had echter warm gezelschap in de persoon van mijn oudste dochter, die het reisje had voorgesteld. We waren op weg naar het Stedelijk Museum voor een tentoonstelling van Jan Schoonhoven. Volgens de krantenberichten was hij een van de meest bekende beeldend kunstenaars in Nederland. Tot mijn schande had ik nog nooit van de goede man gehoord. Dochter, die in Trouw over hem had gelezen, attendeerde me erop. Het leek haar een leuke combi: het museum bezoeken en snuiven aan mijn wortels in Schiedam.

Het bleek ‘toevallig’ de sterfdag van mijn vader te zijn, de 27e november. Als familie hebben we bij het sterven van mijn moeder een graf gekocht omdat het ons speet dat de graven van mijn  vader en dat van mijn oudere zus (die in 1992 overleed), beide geruimd zijn. Er is geen graf meer om te bezoeken van die twee. Op mijn moeders graf staat nu een steen met (in liefdevolle herinnering) de drie namen. Vader, moeder en onze zus. Ik kom er niet zo vaak. Maar heb gemerkt dat in het memoreren van geliefden een tastbaar, zichtbaar monument(je) wel belangrijk is. Voor mezelf.

We dronken koffie onder het oude raadhuis. Boven ons de trappen waar mijn ouders, hun broers en zussen en generaties ooms en tantes, oma’s en opa’s, vrolijk vanaf zwierden in hun mooiste bruiloftskleding, op een van de belangrijkste dagen van hun leven (denk ik).

Vervolgens gingen we richting het museum, via een trieste winkelstraat in het centrum. De helft van de winkels staat leeg en de rest was òf gesloten of van vage herkomst. Niet fijn….Schiedam is zo’n prachtig oud stadje, maar economisch lijkt het niet goed te gaan. We ontdekten nog wel, op de valreep, een kringloopwinkel. Daar moesten we natuurlijk even snuffelen.

Bij het museum bleek dat dit tevens functioneert als slaappaleis van de Sint. Er is zelfs een aparte ingang voor zijn bezoekers. Binnenin de hal stond een grote troon waarop de goedheiligman even later in eigen persoon zelfs plaatsnam. Bijgestaan door de pieten (nog roetzwart in Schiedam, maar niet meer van de roet van de jeneverfabrieken) ontving hij groepen kleuters, waarmee hij plechtig de polonaise danste aan het einde van de audiëntie.

Wij bekeken ondertussen de abstracten van Schoonhoven (1914-1994). Hij hoorde bij een kunstenaarsbeweging die geen kunstenaar meer wilde heten of zijn, de zg. nul-kunstenaars. Ze maakten strakke geometrische ontwerpen, kleedden zich bewust in kostuum en zochten naar een uitdrukkingsvorm die zo neutraal mogelijk was. Schoonhoven (zijn hele leven ambtenaar bij de PTT in Den Haag) was gefascineerd, zo las ik, door radiatoren, putdeksels, luxaflex enzovoort. Van papier, karton, wc-rollen, creeërde hij, bijgestaan door een assistent, in de avonduren de meest strakke, regelmatige, ritmische werken.

Ambachtelijk zou ik het noemen. Zo arbeidsintensief moet het geweest zijn. In het begin gebruikt hij nog kleur, als rood, bruin of grijs. Maar later gaat hij over op wit. Als meest neutraal. Door de regelmaat, het lijnenspel, het ritme én de lichtval ontstaat er een bijna meditatieve kunst. Het woord sereen wordt ergens gebruikt. Rustgevend. Er zit ook, in mijn ogen, saai werk tussen. Rijen afdakjes van steigerhout. Hij kon ook niet weten dat je tegenwoordige bij iedere Blokker kerstbomen van steigerhout kunt kopen. Die lijken er namelijk op.

Later, in de motregen bij het graf, waren we allebei toch geroerd. De steen, met de namen, de herinneringen, het gemis, het definitieve en vijandige van de dood…het balt zich samen aan een graf. Op de steen staat: ‘Hoe lief heb ik Uw huis, oh Heer’, uit psalm 90. Hoe het er daar uitziet weet ik niet, maar de belofte troost. Zij zijn Thuis.

==========================================================

PS: voor recensies van de kunstkenners nog twee linkjes
NRC: De kunstenaar die van putdeksels hield
Volkskrant: Prachtige overdaad van wit.

 

Vakantie-ervaringen met ons nageslacht – 3

‘Oma, ik wil bij jou logeren’, kleinzoon Noah’s (3) vaste verzoek. Als pappa en mamma zich opmaken om naar huis te gaan smeekt Noah, met een van verlangen en verdriet uitgestoken onderlip: ik wil bij jou blijven! Alsof hij in geen jaren meer terug zal komen. We beloven dan ook regelmatig dat hij een ‘ander keertje’ mag komen logeren. Noah is niet met een kluitje in het riet te sturen want hij wil dan wel graag weten wanneer.

Zo was het dan vorige week logeertijd. Uit de verte kwam hij aanhollen: ‘Ik kom bij jou logeren!’ Nog een kop koffie voor pappa en dan vertrekt die, enthousiast uitgezwaaid door Noah.

‘Zullen we even naar de speeltuin, oma?’ Ook Noah houdt van samen spelen, net als neef Kris (6). Maar ook met Noah vertrekken we richting het strand in de veronderstelling dat je een kind geen groter plezier kunt doen dan het strand. Van mamma hebben we een hele tas met strandspullen. Zelfs een reddingsvest. Noah wil dat graag aan in de auto. We kunnen hem gelukkig overtuigen dat dat echt te warm is nu.

We arriveren in Scheveningen, waar we naar het Zwarte pad wilden gaan, maar helaas om 10.15 was het daar al vol. Tegenvaller, want nu moeten we even opsplitsen…en het Zwarte Pad is te ver lopen voor een drie-jarige. We spreken af voor het Carlton. Echtgenoot gaat parkeren in de garage, ik neem Noah mee en een deel van de spullen. Het is heet. Noah is gelukkig zijn reddingsvest vergeten. Maar hij wil wel zijn duikerspak aan. Een donkerblauw zwemtopje. Met zwembroek in dezelfde tinten. Noah is namelijk altijd iets of iemand. Als hij ziet dat we vlakbij de reddingsbrigade zitten is hij helemaal gelukkig. ‘Het reddingsteam, oma! Zullen we daar straks even kijken?’ Noah houdt van kijkjes nemen, maar wel onder veilige begeleiding van een volwassene. Hij was er niet bij toen neef Niek bij de EHBO geholpen werd en in het gebouw van de reddingsbrigade naar binnen moest. Jammer. Hij zou ervan genoten hebben! Het laatste reddingsberoep dat hij heeft aangenomen is dat van de dierenambulance. Bij ieder beroep heeft hij ook een hoofddeksel, waardoor hij onmiddellijk in zijn rol zit.

Terug naar het Carlton Scheveningen. Als echtgenoot arriveert vinden we een plek om ons te installeren en spoeden we ons zo snel mogelijk naar de waterkant. Spelen in de golven, of pootjebaden. Maar als we bij de waterkant arriveren slaat Noah linksaf. ‘Zullen we een eindje die kant oplopen, oma?’ En hij dribbelt nogal snel die kant uit. Rennend om hem in te halen roep ik: ‘Noah, we gaan het water in! Kom lekker samen in het water spelen!’

Noah laat zich met moeite overhalen. Ongeveer 30 cm van het water vandaan blijft hij stokstijf staan en kijkt verschrikt naar zijn voetjes die, weliswaar in speciale waterschoentjes gehuld, nat worden en waaronder het zand door de stroming wegspoelt. Oma kan nog zo enthousiast zijn over de zee, Noah heeft ernstige bedenkingen tegen al dit onvoorspelbare gedoe. Het water is eng want er zitten vast haaien in (dat krijg je met al die tekenfilms en animaties van dieren), het water is koud en bovenal het water is NAT. En nat in gezicht of haar is een kwelling, dus hoezo lekker spelen in het water? In de golven al helemaal niet!

Letterlijk en figuurlijk duurt het een lange tijd voordat Noah dóór is. En echt dóór raakt hij nooit. Maar uiteindelijk spoelen de golven over zijn knieën en durft hij opa en oma nat te spetteren waarbij hij zelf ook af en toe natter wordt dan in de bedoeling lag. Gelukkig, want het is één van de warmste dagen en omdat hij ook nog zijn ‘duikerpak’ aan wil hebben, zweet hij wat af.

We gaan niet te laat terug. Alles weer meegesleept. Het blijft een onderneming, dat strand. Maar er gaat niets boven die verrukkelijke zee. Hopelijk gaat Noah het met me eens zijn later!

Noah geeft nauwkeurig de plantjes water

Noah geeft nauwkeurig de plantjes water

De volgende dag doen we een speeltuintocht. Noah kent de weg en brengt me bij de verschillende speeltuintjes in de buurt. We spelen politiebureau waarbij ik aangifte doe van diefstal en Noah nep opschrijft hoe mijn fiets eruit ziet. Dan springt hij in zijn nep politie-auto en vangt de nep-dief en stopt hem in een nep-gevangenis en mijn nep-fiets is gevonden. Als opa zich bij ons voegt herhalen we het spel maar nu is de portefeuille gestolen. Noah geniet. Zijn fantasie is vermakelijk. Het is echt, maar ook echt nep. Zoals hijzelf eigenwijs zegt. Babies in zijn buik, zusjes, dieven, tijgers, huizen in brand..alles nep.

Later speelt hij heel zoet met water in de badkamer. Geen golven, geen wegzuigend zand, maar een beheerste omgeving. Een wasbak met water en een stop erin. In het water drijven de reddingsboot en de politieboot. Redden uit het water is wat Noah wil.

Gered wórden uit het water is nog een brug te ver!