Categorie archief: christelijk geloof

Ik zie de bui al hangen

Het was maar een korte uitzending. Laat op de avond, dus ik had hem bewaard voor later op ‘uitzending gemist’. Het was een aflevering van Kruispunt over depressie. Een interview met Antoine Bodar, priester en kunsthistoricus, over zijn depressieve periodes en Marjolein van Kooten. De laatste is een vrouw, schrijfster en (psychiatrisch)cabaretier, die van haar ziekte haar beroep heeft gemaakt.

Haar angststoornis is onderwerp van haar theatervoorstelling waar ze met van alles de draak steekt. Humor als wapen tegen psychische aandoeningen. Dat spreekt me zeer aan. Lachen is helend. De ziekte is al erg genoeg maar zelfs als je middenin een donkere periode zit is het mogelijk om te lachen, hoe paradoxaal dat ook klinkt. Echte humor is immers een lach in een traan?

Bodar ontroerde me. Kwetsbaar en open over hele duistere fasen in zijn leven. Suicidaal en zonder enige levenslust. Voor wie het kent bijna moeilijk om aan te horen omdat het zo herkenbaar is. Ik besefte zelf weer even hoe ver weg ik geweest ben. Marjolein van Kooten verwoordde het heel goed, dat dwaze verschijnsel van je slecht voelen en denken dat het altijd zo was en nooit meer goed zal komen. En vervolgens in een goeie periode je niet meer te kunnen voorstellen hoe het was toen het zo donker was. Alsof je in twee dimensies leeft. Daarom noemt zij haar theatershow ‘Ik zie de bui al hangen’. In goede periodes begin je je op een bepaald moment toch zorgen te maken. Dit duurt nu al zo lang…dat kan niet zo blijven, toch? Ik ga zelf momenteel door een hele goeie periode en het bekijken van een programma als Kruispunt kan dat knagend gevoel losmaken.

De humor van Marjolein geeft verlichting. En de woorden van Bodar. Voor een gelovige is het bestaan van God en je leven in de glans van Zijn liefde te mogen zien (niet voelen altijd) een reden om door te zetten. Bodar zegt: Om fier te zijn.

Advertenties

Advent

De Kerststal

Vorig jaar kochten we deze ‘ kerststal’ in Utrecht. Gemaakt door mensen met een verstandelijke beperking. We waren onmiddelijk weg van de vrolijke uitstraling. Een simpele uitbeelding maar zo goed getroffen. Hier is iets bijzonders gebeurd! Zelfs de schaapjes glimlachen. Ja. ik weet het, als je goed kijkt zie je dat er een oor is afgebroken…Helaas. Aan de andere kant ook weer een mooi symbool. Die oorspronkelijke schapen en mensen zullen ook wel zo hun barsten, littekens en deuken gehad hebben.

Advent
Advent. Wachten op de viering van de komst van een baby. Hoe spannend kan dat zijn! In alle culturen en bij alle volken op aarde is de komst van een nieuw mensenkind reden voor een feest. Maar hier komt God Zelf. Als een doodgewone baby. Bij arme Joodse ouders. Niet te bevatten.  Dat kun je niet geloven, tenzij hij in de rest van zijn leven iets heeft laten zien dat geen mens ooit kan. En dat heeft Hij. ‘Bewezen Gods zoon te zijn door op te staan uit de dood, waarvan vele getuigen nog in leven zijn’ , zal later een volgeling van hem zeggen.

Hij leefde onder ons…

Als baby al vluchteling in Egypte, als kind en tiener opgroeiend in Nazareth, als twintiger waarschijnlijk werkzaam als timmerman, in het bedrijf van zijn vader. Dan, nauwelijks een jonge man reist hij drie jaar door zijn land om met zijn landgenoten te delen wie hij eigenlijk is en waarom hij gekomen is. Dan geeft hij zijn leven en sterft. Na drie dagen staat hij op uit het graf en  gaat terug naar de hemel. Een voor ons onzichtbare werkelijkheid.

Er zijn ontzettend veel verslagen van zijn leven in het begin van de eerste eeuw in Palestina. Van zijn bewogenheid  voor de armen, de zieken, de daklozen en bedelaars. Van de ongelofelijke wonderen die hij deed. Doven gehoor geven…Blinden gezicht, doden weer leven.  Heeft hij iedereen in een keer geholpen? Hele massa’s tegelijk? Nee, af en toe, hier en daar, een aantal.

om het goed te maken tussen God en ons

Het ging namelijk niet in de allereerste plaats om een gezond lichaam of een gezonde geest.  Het ging veel dieper. Het ging erom dat mensen hem zouden erkennen als de Redder van de mensheid. Alle gebrokenheid in de wereld is een symptoom van iets anders. Zoals pijn een signaal is. Ziekte of dakloosheid is ten diepste niet de oorzaak van ons gebrekkige leven. Gezondheid, rijkdom, eer, macht, wat dan ook, staan nooit garant voor geluk. Integendeel. Lees de roddelbladen maar.
Het met onze rug naar God gekeerd staan, is de existentiele oorzaak van alles wat niet goed is in de wereld. Jezus de Godmens wil ons weer de goeie kant op zetten. De weg is vrij. Het obstakel, de zonde is weg.

Met Advent zegt Jezus: Hier Ben Ik. Ik Ben met jullie. Immanuel. Er gaat iets nieuws beginnen! Heden is de Heiland geboren.
Daarom kijken ze zo blij, die simpele figuurtjes om de kribbe.

Danken

pelgrim-met-indiaan-1024x656.jpg (1024×656)

Nederland kent van oudsher ‘Dankdag’. Maar die is van een heel andere orde dan ‘Thanksgiving’ in Amerika. ‘Dankdag voor gewas en arbeid’ is de enigszins statige titel van de (voorzover ik weet) uitsluitend kerkelijke viering van dankdag in Nederland. Jammer eigenlijk. Zoals zaaien en oogsten ver van ons af is komen te staan, zo is thuis dankbaarheid vieren ook een onbekend fenomeen geworden. Veel kerken hebben geen aparte samenkomsten meer. Het danken wordt meegenomen in de reguliere diensten op zondag. Nog weer een stapje verwijderd van de rauwe werkelijkheid van bloed zweet en tranen op de akkers. Ja, natuurlijk onze agrarische sector werkt niet meer als Adam met de blote handen in dorre aarde. Wij hebben computers en machines en weet ik wat al niet meer (ik ben geen boerendochter) die het zaaien en oogsten makkelijker maken. Laat de rest van de wereld maar ploeteren, bij ons ligt alles gewoon in de winkel, en als het klimaat even niet mee zit importeren we de spullen toch? Dus ja, dankbaarheid?

Thanksgiving in Amerika is als een oogstfeest begonnen.  Kolonisten alias vluchtelingen (of andersom) uit Engeland hadden nauwelijks het eerste jaar in Massachusets overleefd. Meer dan de helft was overleden door ontberingen en honger.  Toen er eindelijk geoogst kon worden  hielden ze een dankmaal. Samen met de oorspronkelijke bewoners van de streek,  de Wampanoag. Na veel hongerlijden was er eindelijk een overvloed aan eten. Op de vlucht voor de religieuze politie van de Anglicaanse kerk in Engeland waren de protestantse Puriteinen via Nederland naar Amerika gevlucht om daar een nieuw leven te beginnen. Tegenwoordig is er veel kritiek op de romantische versie van het verhaal, met name vanuit de beweging van de oorspronkelijke bewoners van het land. De komst van de blanke Europeanen heeft onbeschrijflijk veel ellende gebracht en hele stammen zijn uitgeroeid. Niet alleen door geweld, aanvankelijk ook door ziekte en alcohol. Het vieren van Thanksgiving wordt door hen als pijnlijk ervaren. Gezien vanuit hun perspectief zeer begrijpelijk.

gettyimages-526510338.jpg (6339×4656)

Getty images

Hoe dan ook, op het eerste oogstfeest waren meer Wampanoag aanwezig dan Puriteinen. Ze brachten geen pompoentaart en cranberries mee maar, volgens een ooggetuigeverslag, vier herten.
De Thanksgiving-viering, zoals Amerika die nu kent als familiefeest, begon in feite pas in de 19e eeuw. Hier en hier staan leuke artikelen daarover.

black-friday.jpg (500×359)Waarom dit hele verhaal? Omdat ik de traditie in Nederland zou willen introduceren. De commercie heeft Black Friday helaas wel overgenomen (koopjesdag na Thanksgiving in de VS), maar heeft het Dankfeest laten liggen. Maar danken in familie- en vriendenkring  is fantastisch. Om de tafel, met feestelijk eten en even niet over meer, maar over wat er allemaal al is om dankbaar voor te zijn. Dat hoeft niet eens perse een christelijk feest te worden, hoewel danken wel een richting naar Iemand lijkt te hebben. Het is helend en verrijkend. Voor het eerst sinds jaren vierden wij het deze keer met vrienden. Tijdens het eten, tussen de kip (nee, geen kalkoen..) en de pompoentaart in namen we een moment om persoonlijke ervaringen te delen waar we waar we God voor wilden danken. thumbnail (200×300)We zongen een lied en we lazen een oogstpsalm (psalm 62). Niks bijzonders zou je zeggen, maar de setting van een feestmaal, het intieme van het delen van onze dankpunten en het altijd vreugdvolle van samen zingen en vervolgens samen God danken en loven, maakten het verrassend mooi.

We zeiden bij het afscheid, ‘dit is iets wat we als huiskringen zouden kunnen doen volgend jaar!’ En zo is er misschien een nieuwe traditie geboren. Daar hebben we geen Puriteinen of kalkoenen voor nodig. En we hoeven er ook geen werelddeel onterecht voor te veroveren. Het is simpel gezegd een Dankbaarheidsfeest.

Herrenmenschen in de Eifel

Een paar dagen Monschau

We wisten dat het weerbericht goed was voor het weekend. Ondanks een bewolkte donderdag en een regenachtige vrijdagochtend hielden we de moed erin tijdens onze korte vakantie in Monschau. Dat werd beloond. De vrijdagmiddag en zaterdag waren ongekend mooie Indian Summer dagen met oogverblindendde herfstkleuren. Vanwege de regen togen we vrijdagochtend naar Vogelsang in Schleiden. Ik las in een brochure dat dit een indrukwekkend voorbeeld moest zijn van de megalomane architectuur van het Nationaal Socialisme uit de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw. Er was van alles te doen en eromheen lag een prachtig stuk landschap waar we konden wandelen.

Vogelsang

Vogelsang kwam pas een aantal jaren geleden weer in het bezit van Duitsland. Tot die tijd werd het gebruikt door het Belgische leger als oefenterrein. Met Europese subsidie is er een Internationaal Centrum van gemaakt met als thema, Tolerantie en Vrede.

Van onderaf Vogelsang met toren

Zo stijl dat je de gebouwen naar boven of onder nauwelijks ziet

Megalomaan, dat was het complex zeker. De afmetingen, de stijle trappen van het ene gebouw naar het andere, de hoge uitkijktoren, alles diende om te imponeren. In het (nieuw gebouwde) gigantische bezoekerscentrum was een tentoonstelling gaande over de oorspronkelijke bewoners van het instituut.

Een elite van leiders

Dat waren de zogenaamde junkers, door de partij uitverkoren studenten die werden opgeleid tot elite leiders en heersers. De partij miste kader en zocht op deze manier een oplossing.  Geen  militairen, de bedoeling was dat deze mannen bestuurders zouden worden van te bezette gebieden. Het hele idee van ‘junkers’ was ontleend aan de Middeleeuwen. Als kruisvaarders werden de mannen opgeleid om hun ras en natie te beschermen tegen boze invloeden.

Wat me als eerste opviel waren de foto’s van  jonge mannen, meer dan levensgroot geprojecteerd op de wand. Relaxed, pijpje rokend, lachend. Jong en sympathiek. Gewone studenten uit de jaren dertig. Blij geselecteerd te zijn voor een unieke opleiding. In het commentaar werd gezegd (gedeeltes uit de oorspronkelijke toespraken konden worden  beluisterd) hoe afkomst of klasse er in het Derde Rijk niet meer toe deden. Het ging om talent en aanleg. Dit gezegd in de jaren dertig waarin zoveel Duitse mannen werkeloos waren of zonder opleiding zich nauwelijksich  konden ontwikkelen. Kun je ze verwijten dat ze ervoor gingen? Ik voelde een soort medelijden.

Stijle trappen

De gevreesde adelaar, van de troon gestoten

Het voorplein bij aankomst

Ordnungsburgen

Hitler had enorme plannen voor deze opleiding. De mannen zouden er vier jaar over doen, steeds wisselend van instituut, allemaal even afgelegen. Er waren nog drie van dit soort internaten gepland. Veel is er van de plannen niet terecht gekomen, onder andere door het uitbreken van de oorlog. In de gebouwen werden na verloop van tijd Hitlerscholen gevestigd. Eerst middelbaar, later nog weer jongere kinderen. Van alle periodes is veel materiaal, zowel audio als foto’ s bewaard. Zo onschuldig als de foto’ s lijken, zo  onheilspellend is de inhoud van het lees- en audiomateriaal. Hier bivakkeren Heersers en Tirannen in de dop.

Haat en angst

Aan het begin krijg je het gevoel dat alles wel erg zonder kritisch commentaar getoond wordt. Maar gaandeweg de tentoonstelling neemt de beklemming toe. De lezingen waarvan steeds stukjes te horen of lezen zijn, zijn zo doordrenkt van haat tegen alles en iedereen wat niet Duits is, dat je je afvraagt hoe men dat zo heeft kunnen accepteren. Tenzij dit soort taal al langer gebezigd werd en geen verbazing opriep. We hebben het over 1934. Alles was erop gericht, allang voor de oorlog om een rassenpolitiek te bedrijven die niet gunstig was voor wie niet Germaans was. Op een congres voor artsen wordt levendig geapplaudiseerd wanneer de spreker de Joden  ‘ ‘stinkvarkens’ noemt. Het anti-semitisme heeft oude papieren. Niet voor niets emigreerden vele Joodse families al in de jaren twintig en dertig. Denk aan de familie Frank.

 

Veel van de Vogelsang studenten worden ingezet in de Oost-Europese bezette gebieden na 1940. En raken betrokken bij gruwelijkheden die ons inmiddels bekend zijn. Sommigen worden berecht tijdens de Neurenberg processen na de oorlog, maar velen glippen tussen de mazen van het net door.

Sport was zeer belangrijk voor de Herrenmensch

Eigen volk als afgod

Huiveringwekkende geschiedenis, zo onopvallend tentoongesteld, in zekere zin. Gebruiksvoorwerpen, foto’ s, aantekeningen, brieven, audiofragmenten (in vier talen te beluisteren). Maar bij elkaar vormen ze een indrukwekkend getuigenis van hoe mis het kan gaan wanneer een volk van eigen nationaliteit een afgod maakt. Al het andere wordt verwerpelijk. En alles wat gedaan wordt voor het volk krijgt een aura van heldendom. Of het fout is of goed kent geen andere norm dan die van het verheffen van volk en natie. Ik dank God zachtjes dat we hier de ondergang zien van deze mensonterende leer. En ik bid om Zijn ontferming over onze westerse landen waar dit gedachtengoed er toch weer in lijkt te sluipen. Eigen volk eerst.

Buiten is de zon gaan schijnen en we zien de bosrijke omgeving schitteren in oranje, rood en goud. Zo zagen ook de studenten bijna tachtig jaar geleden het. Sporten was een zeer belangrijk onderdeel van het curriculum. Olympische helden. Langs een van de sportvelden is langs de muur nog het overblijfsel te zien van een meer dan levensgrote plastiek van naakte sporters, in de stijl van de oude Grieken. De koppen zijn er af, het is met mos begroeid. Symbolisch voor de ondergang van die wrede, de sterke mens aanbiddende leer.

De kerk als schuldige

In een van de toespraken wordt de kerk aangewezen als de oorzaak voor het miderwaardigheidscomplex van de Duitsers.’ ‘Geen wonder, die kerk die altijd maar weer de zwakken,, de onderworpenen, de verdrukten blijft zoeken! We willen sterk en machtig zijn, weg met de kerken die dat verhinderen…!’ Zo diametraal tegenovergesteld van wat Jezus leert.

En zonder kerken moesten er nieuwe rituelen komen. Germaanse feesten in plaats van de christelijke, Germaanse bevestiging van het huwelijk in plaats van een kerkelijke. Het christelijke werd stelselmatig verdrongen en vervangen waar nodig. Teken aan de wand.

De troost van de natuur en nieuwe hoop

We gaan de natuur in en lopen langs de Ruft, een rivier, ingedamd, uitlopend op een groot stuwmeer. Eromheen de herfstnatuur, verstild en geurend naar blad en mos. Af en toe een vogelgeluid. We ademen diep en de beklemming verdwijnt langzaam en verandert in een gevoel van hoop. Tirannen die denken volken en mensen te kunnen knechten en onderdrukken en als slaven te misbruiken,  komen uiteindelijk ten val. Ze houden geen stand.  Psalm 2 komt in gedachten:

Die in de hemel troont lacht, de Heer spot met hen,
Koningen wees gewaarschuwd.
Bewijs eer aan zijn zoon anders ontvlamt hij in woede en uw weg loopt dood.

Gelukkig wie schuilen bij Hem.

Wat zal ik schrijven? Van geluk?

Boottocht op de Zaan tijdens een van de huwelijksjubilea

Ze willen niet echt vloeien, de woorden uit mijn ‘pen’. Ik zie het aan de vele ‘concepten’  die ik heb opgeslagen. Er spelen een aantal dingen waar ik (nog) niet over schrijven kan of wil. Het lijkt wel of die een soort stop vormen op mijn inspiratie. Ik heb al eens een poging gedaan erover te schrijven, maar het wil niet goed lukken. Schrijven zet zaken aan, waardoor ze gelijk erger lijken. Nog maar niet dus!

vijftig jaar!

Maar het gewone leven biedt veel goeds. Hoe bijzonder is het om in vijf weken tijd uitgenodigd te zijn op drie feesten van bevriende stellen die vieren dat ze 50 (!) jaar getrouwd zijn? Aan de ene kant maakt het dat ik me stokoud voel…mijn vrienden, 50 jaar geleden getrouwd?? Dat overkwam mijn grootouders.. Maar al gauw bedenk ik dat voor echtgenoot en mij de 43 jaar ook voorbij gevlogen zijn. Niet als een permanente roze wolk, dat niet. Maar juist door de dalen heen is de band gekweekt die nu onverbrekelijk is geworden.

De dwang van het voelen

Ik dacht daaraan in een gesprek met iemand waarin de zo bekende ‘ik moet voor mezelf kiezen’ uitspraak voorbij kwam. Natuurlijk zijn er situaties in een relatie waarin alles onhoudbaar is geworden. Ontrouw, verlating, mishandeling, situaties waarin er geen sprake meer is van samen.  Toch denk ik dat niemand meer de 50 jaar zal halen als dat zinnetje vooraan in je hersenpan staat, zoals het nu vaak lijkt. Het zelf is op zo’n voetstuk geheven dat alles moet wijken voor ‘het geluk’ van het zelf. En de definitie van geluk is dan je goed voelen. Op je plek voelen. Liefde voelen.

Wat ik persoonlijk heb geleerd door de jaren heen is dat ‘voelen’ een verschrikkelijke jojo is. Up, up, up en down. Nieuwe ervaringen die adrenaline geven en een kick. Nieuwe liefdes die door de waterval van dopamine’s maken dat je letterlijk in de zevende hemel lijkt te zweven. Maar ja, van elke bergtop moet je weer neerdalen en dan is het gewone leven soms best een domper.

Depressie als kentering.

Wat dan? Mijn leerschool is de depressie geweest. Depressies nemen naast veel andere nare dingen je gevoel van welzijn weg. Het is een rare mengeling van gevoelloosheid en tegelijk verdriet over die gevoelloosheid. Een contradictie, ik weet het maar zo was het (en is het, soms) en veel lotgenoten zullen het herkennen. In de psalmen wordt het mooi verwoord door David: Ik heb zo’n heimwee naar de tijd dat ik vrolijk was.

Hoe kun je leven met een gebrek aan een ervaring van welzijn? Dat is zwaar. Maar het dwong me min of meer na te gaan denken over wat het leven uiteindelijk waardevol maakt voor me. Waar leef ik voor? Voor wie leef ik? Wat is zinvol, ook als het niet de kick brengt die ik vroeger misschien als geluk benoemde.

Dat is een lange weg. En niet voor iedereen met verlammende depressies. Maar die bezinning heeft mij wel veel gebracht. Ik ben niet toevallig hier. God heeft me bedacht. Heeft mij talenten gegeven. Misschien is de depressie wel een talent waarmee ik mag werken. (Waarom zou een talent alleen iets positiefs zijn, iets waar je ‘happy’ van wordt?) Anderen beter begrijpen? Voeling hebben voor wie kwetsbaar is en aan de rand van de samenleving staat? Anderen eraan herinneren, puur door eigen kwetsbaarheid, dat ‘goed leven’ niet persé carriére, geld, gezondheid, succes of vul maar aan betekent. Goed leven heb ik ontdekt is samen leven, anderen meenemen op weg, steunen en gesteund, troosten en getroost worden.  En hoopvol zijn. Omdat dit leven niet het een en al is.

Succes verzekerd?

Is dat een succesformule? Nee, natuurlijk niet. Het is moeilijk om in een succesmaatschappij, van ongekende welvaart, te leven en vol te houden dat dat geen geluk brengt. Om in een maatschappij te leven waarin Jezus meestal een vloekwoord is en niet de Godmens die het ons heeft voorgeleefd: leven met de armen, zieken genezend en uiteindelijk sterven. De bijbel noemt dat ‘lijden’. Zelf God identificeerde hij zich met ons.

Dat inspireert mij. En de Geest van God geeft me mogelijkheden. En opent ook mijn ogen. Voor wie om mij heen, in het leven van alledag, wellicht een steuntje kan gebruiken. Of een beetje begrip. Of een klankbord. Of een goed gesprek. Ik noem dat nu geluk.

 

 

 

Zomaar wat vragen bij Darwin’s theorie van evolutie

Evolutie, in de zin van ontwikkeling vanuit niets (Big Bang?) tot iets, van simpel tot gecompliceerd, van onpersoonlijk tot persoonlijk is wereldwijd de meest geaccepteerde verklaring van de natuurlijke werkelijkheid om ons heen.

Ik geef hier wat dingen door die daar vragen bij stellen. Al die schoonheid van kunst, muziek, dieren en plantenwereld vanuit een onpersoonlijk toevallig begin?

Liefde, opoffering, caritas als overlevingsstrategie? Dood, lijden, pijn, als iets dat er gewoon bij hoort? Leven zonder een diepere betekenis van opdracht of taak?
Het gaat er bij mij niet in. Ik heb meer geloof nodig om dat te accepteren dan in de verklaring die de bijbel geeft van een Schepper Die Als grote Kunstenaar dit allemaal bedacht en mijn leven vult met schoonheid om van te genieten en lijden toelaat met een doel dat mij nu (meestal) nog ontgaat maar nooit buiten Zijn liefde om gaat.
   Een citaat van Timothy Keller, denker en predikant in New York:
The Church needs artists because without art we cannot reach the world, meer
   En een video (20min) in het Engels gemaakt door geneticist
Over de schoonheid en ordening in de natuur die niet alleen te verklaren valt vanuit het ‘utiliteitsdenken’, veranderingen moeten ‘nut’ hebben. (Even doorbijten wat betreft de enigszins theatrale stem..) prachtige beelden!

Oost en West

Het was Pasen. Afgelopen zondag hebben we het gevierd. Met een mooie kerkdienst in de Ankergemeente in Nieuwegein. Veel gezongen, ge-paas-jubeld, zeg maar. Het viel me op hoe ‘erbij’ ik was dit jaar.  Zoveel lange jaren ben ik depressief geweest tijdens feestdagen. Dan waren de diensten moeilijk. In je hoofd wéten dat er echt reden tot blijdschap is. Het feit van de Verlossing in Jezus is immers niet emotie alleen. Maar niet mee kunnen ervaren en alleen maar die grote afstand voelen. Dat dikke glas waarachter je wel alles ziet maar niet meemaakt. Voortdurend het gevecht aangaan met die rotstemming die slechts dat overweldigende gevoel van zinloosheid aan je opdringt. Wat was ik dan blij wanneer de maandag weer aanbrak. Gewoon doen. Mijn gangetje gaan. Geen grote ervaringen hoeven meemaken en eraan herinnerd worden dat je langs de zijlijn staat.

Ik zal nooit een aanbidder worden die zichzelf helemaal vergeten kan. Dat is mijn persoonlijkheid. Ik ben een denker en hou altijd wel iets achter. Toch heb ik dit jaar heerlijk gezongen en met plezier de preek aangehoord. Een fijne dienst ervaren. De stem van Jezus gehoord die tegen een diep verdrietige Maria zei: Maria! En ze herkende Hem! Opgestane Heer, maar nog even dichtbij en betrokken op het leven van Zijn volgelingen. ‘Waarom huil je?’,wil Hij van Maria (van Magdala) weten. Geen hemelse stem, geen bazuingeschal van een afstand, maar een betrokken stem van haar geliefde Meester. Die vraag van Jezus (als het ware ook aan mij gesteld…) heeft me door menige zwarte dagen heen getrokken. Als ik nu vrolijk in de dienst zit, kan ik niet vergeten hoe er anderen nu met een brok in de keel zitten, gekweld door verdriet, verlies of moeilijke levensomstandigheden. Jezus staat naast je. Hij is door lijden en dood gekropen en heeft de andere kant bereikt. Er is Hoop.

’s Middags reden we richting Utrecht, om het Paasfeest te vieren met een maaltijd. Een Griekse. De schoonvader van een van onze dochters was Grieks (hij is helaas overleden) en zijn vrouw, zelf Nederlandse, heeft altijd de Griekse tradities betracht bij feestdagen. Het Paasfeest van de Grieks-orthodoxe kerk valt niet altijd samen met ons paasfeest. Maar dit jaar wel. We aten dus lamsvlees, rood gekleurde eieren, rood voor het bloed van Christus, salades en paasbrood en wensten elkaar ‘Christos anasté, Christus is opgestaan!’ Zo’n mooie gewoonte! Ook in Korea waar we een aantal jaren woonden was dat gebruikelijk met Pasen. Bij de kerk werd je begroet door de diaconessen die in witte Koreaanse dracht gekleed waren en ons de paasgroet brachten: Jezus is opgestaan! We antwoordden met: Hallelujah! Mooi.