verhuizen is als een bevalling, net zo erg maar ook weer snel vergeten

Van de week heb ik mij weer mogen oefenen in iets wat ik HAAT : verhuizen. Ik bedoel dan niet het vertrekken uit de ene plaats naar een andere, zelfs niet van het ene huis naar het andere. Dat vind ik meestal wel leuk. Nieuwe omgeving,nieuwe mogelijkheden enz.

Wat ik haat, met een diepst mogelijke passie is het proces van verhuizen zelf. Het ontmantelen van een bestaande situatie waarin je je senang voelt, wat ‘thuis’ is en het in stukken en brokken langs me neer zien storten. Zo onderga ik dat tenminste. Er ontstaat een (voor mijn gevoel) complete wanorde waarin ik ook tijdelijk mijn ziel lijk kwijt te raken.

Nu heb ik het over mijn eigen verhuizingen, let wel. Dat zijn er ook een respectabel aantal. Vanaf dat ik getrouwd ben in 1974 wel zo’n 13 keer geloof ik. Maar al tijdens de eerste verhuizing waar ik zelf (met Kim, mijn man)verantwoordelijk voor was bleek ik in een zombie te veranderen.

Ik begin altijd met dappere moed in te pakken en dan ontstaat op een gegeven moment een punt van no-return. Alles is rotzooi, overal alleen nog maar dozen en onbestemde artikelen waarvan geen mens weet wat je ermee moet, maar ja weggooien is ook zo wat(probleem nr.1). Dan liggen er stapels die naar een vuilstort moeten,maar die komt pas op afspraak, volgende week (probleem nr.2). Zakken met inhoud die naar een kringloop moeten maar misschien heeft een zus of vriendin er ook wel wat aan, en het leger des Heils is eigenlijk beter..(probleem nr.3). Dan word ik gek. Hoe kan deze chaos, waarin ik niets meer herken van mijn ‘home’ ooit nog weer veranderen in een normale situatie? Ik raak de weg en de draad kwijt en ben gereduceerd tot een hoopje ellende, voor verhuishandelingen geheel ongeschikt.

Onze eerste verhuizing van in principe 1 grote kamer naar 2 grote kamers en een eigen keuken is uiteindelijk onder Kim’s strakke regie en met zijn geheel oorspronkelijke ideeen voor verpakkingsmateriaal (vuilniszakken voor alles, incl. het servies) gelukt.

Deze week was ik slechts assisterende bij de verhuizing van mijn dochter en schoonzoon.

Ik dacht: ik hoef alleen maar te helpen, niks te organiseren, beetje er zijn voor de kids, kortom ik onderschatte mijn HAAT tegen iedere vorm van verhuizen, of het nu mijn eigen verhuizoing is of die van een ander. Het ging goed tot het bekende moment: het overzicht is weg,  het gevoel dat het geen verschil maakt of je nu nog 1 uur of 24 uur doorgaat, het komt niet en never ooit meer klaar.

Ondertussen zat mijn oudste dochter met een kalmte die ze niet van mij heeft maar van haar grootmoeder Batteau, haar baby voor de 20e keer te voeden. Kris is ook onrustig door alle gedoe om hem heen. Jes ondergaat het gelaten en beurt mij op: ’t komt allemaal wel weer goed hoor!’

Vandaag lekker uitgerust, terwijl Kim was helpen met de echte verhuizing (piano door het raam van de 1e verdieping, ze wonen 1 hoog…) Niet dat Kim die piano getild heeft, overigens. Er waren verhuizers. Gelukkig.

En nu wordt het dus de Veluwe als we hen willen zien. Gisteren zijn we (2 oma’s en Jes met Niek en Kris) vanuit Utrecht even op en neer naar het nieuwe huis geweest, vooral om Niek wat te laten wennen. Hij was er nog niet geweest. Nou, dat ging prima. Hij wilde zo aan het werk. Verfroller gevonden en nam geen genoegen uiteraard met alles wat op afleiding of nepverf leek. ‘Niek wil ook worken’. Dos heeft hem een stukje muur laten meeverven. Lekker buiten gespeeld met z’n fietsje. Ik had het domme idee de tuindeur naar het doorgangetje achterom open te maken. Niek zag z’n kans. Hij wandelde een eindje weg. Keek om, met pretogen van de spanning. ‘Eng he?’ Ja, zei ik, kom maar gauw weer naar de tuin. Maar nee, Niek is niet voor niets ontdekkingsreiziger: ‘Niek gaat weg, daag, oma!’ Een eindje verderop kwam hij op andere gedachten: Oma, kom nou mee! Ik hield vol dat ik geen zin had. Nog een stukje verder- ik hoopte en vermoedde dat het dood liep en ja hoor, gelukkig. Daar kwam hij weer aan gesukkeld. Ik zei tegen Jes dat het me niks zou verbazen wanneer ze regelmatig dit jongetje thuis gebracht gaat krijgen. Hij is totaal niet bang en is heel nieuwgierig.

Nou ja, in Woudenberg zullen ze hem al gauw genoeg herkennen: ‘Dag, moeder van Niek, met de politie, we hebben het mannetje weer gevonden, hij zat nu in de grootste tractor van het dorp en had hem bijna gestart..’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s